Pannenfabriek De Maasfiche PF00008  


Pannenfabriek De Maas


Naam
Pannenfabriek De Maas


Type
Pannenfabriek


Ligging
Toponiem: Hoogveld
Adres: Venlosesteenweg, Kessenich (Kinrooi)
Kadasterperceel: A619a
Coördinaten: 51,15494; 5,81142


Periode
1903-1975


Eigenaar
Nationale Maatschappij Limburgse stoompannenfabriek De Maas (La Meuse)


Toestand
Gesloopt/verdwenen.


Beschrijving/informatie/geschiedenis

De pannenfabriek De Maas ontstond in 1903. In dat jaar werd de 'Nationale Maatschappij Limburgse stoompannenfabriek De Maas (La Meuse)' opgericht door de oorspronkelijke (vooral Nederlandse) aandeelhouders op initiatief van Christiaan Antoon Hubert Crasborn (Thorn, 1869 - Antwerpen, 1938). De andere stichters waren Hendrik van de Boel, ook de eerste directeur, Jean Gorris, Jean Straetmans, Nicolaas Crasborn, Christiaan Gorris en Charles Chennaux. Deze staan ook vermeld op de gedenksteen die in de gevel van het fabrieksgebouw was ingemetst.

Op 28 juli 1903 deed Hendrik Vandeboel een aanvraag bij de gemeente Kessenich voor de plaatsing van de eerste stoommachine van het bedrijf. Dat was in feite de start van de fabriek. Het ging om een stoommachine geleverd door Etablissements Jacques Piedboeu uit Jupille. De toelating werd gegeven op 4 augustus 1903.
Op 20 november 1903 volgde ook de toelating van de bestendige deputatie om de fabriek te starten en een stoommachine te plaatsen. In 1904 werd een volgende vergunning gevraagd voor een bijkomende stoommachine, geleverd door de Ijzerfabriek van Tegelen. De stoommachines dreven alle noodzakelijke machines aan: de kleimolens, de walsen, de vormpersen...

Bij de start had de fabriek 14 Casselovens (met rooster) die met steenkool werden gestookt en die later werden verbouwd tot 4 ringovens. In 1905 werd de fabriek voor het eerst vergroot. Er werden vooral Mulden- en Noordpannen geproduceerd.

Van in het begin waren er blijkbaar problemen tussen de aandeelhouders onderling en met de directeur(s). Sommige aandeelhouders wilden snel geld verdienen aan hun investering en gingen zich erg bemoeien met het dagelijks beheer. De eerste jaren (tot in 1917!) werd alleen maar verlies geleden. Al in 1905 nam directeur Hendrik van de Boel ontslag, maar bleef wel aandeelhouder. Gerard Mannens volgde hem op. Vervolgens werd Jean Van Oostaijen directeur tot 1909 toen hij werd opgevolgd door Christiaan Narinx. Jean Van Oostaijen verhuisde naar Kortessem waar hij vanaf dan de pannenfabriek uitbaatte.

De eerste wereldoorlog bemoeilijkte nog de relaties tussen Belgische en Nederlandse aandeelhouders. Verschillende jaren lang bleef er blijkbaar discussie over de winsten van de vennootschap... Tijdens de eerste wereldoorlog veranderden de Belgische aandeelhouders de naam van de vennootschap naar 'La Meuse. Tuileries Méchaniques Limbourgeoises Kessenich s.a.'.
In 1920 werden Mannens en Crasborn de enige eigenaren van het bedrijf. Dat werd omgevormd tot 'Tuileries Méchaniques La Meuse Crasborn & Mannens pvba'. Tussen 1920 en 1923 werd het fabriek uitgebreid en in 1929 werd een elektrische kabine geplaatst en werd ook elektrische aandrijving gebruikt.

In 1953 werd het 50-jarig bestaan gevierd. Op dat ogenblik was de productie 9 à 10000 pannen per dag. Men beschikte over 4 ringovens met elk 8 kamers van ongeveer 5000 pannen. Later dat jaar werd Christiaan Narinx als directeur opgevolgd door zijn zoon Renier Narinx.
In 1955 werd het bedrijf nogmaals uitgebreid en werden verschillende oude gebouwen gesloopt.

In 1963 begon Mark Huysmans als directeur en kort daarna veranderde het bedrijf nog eens van naam tot 'Vennootschap Kleiwarenindustrie Kessenich pvba'. In 1967 schakelde men volledig over naar de productie van bakstenen. Dat was het begin van het einde: in 1975 ging het bedrijf in faling en sloot de fabriek definitief.


Meer foto's


Bronnen
- Geneanet
- Heemkundige Kring Kinrooi, Werner Smet, 1989, De pannenfabriek te Kessenich.
- Informatie via Marcel Dings
- Over Kinrooi op de site van ETWIE